waterspelletjes

waterspelletjes

Speluitleg

In de hete zomer een verfrissende activiteit ... Let er wel op dat dit niet ontaardt in emmers water gooien. En mocht je op kamp zijn : van de brandslang blijf je af !

De waterwipplank

Je maakt van een plank en een baksteen een wipplankje. Aan de ene kant zet je een bekertje water. Je trapt met je voet op het andere uiteinde en probeert het omhoogvliegende potje water op te vangen. Daar moet een fles of bokaal om het snelst mee gevuld worden.

De handige kelner 

Je bouwt twee hindernissenparkoers (zig-zag tussen stoelen, onder de draad, op de balk, enz...). De spelers moeten elk om beurt met een dienblad met daarop een tiental plastieken bekertjes met water het parkoers afleggen. Wanneer de laatste kelner van een ploeg het parkoers heeft afgelegd, wordt (wat er overschiet van) het water uit de bekertjes in een fles gegoten. De ploeg die het meeste water overhoudt, wint.

Kruiwagen

Een fles moet zo snel mogelijk gevuld worden op de volgende manier : de spelers maken per twee een kruiwagen. De "wagen" neemt het bekertje water tussen zijn tanden (want hij heeft zijn handen immers niet vrij). Als de kruiwagen niet teveel schokt, blijft er nog wel een bodempje water in het bekertje wanneer de spelers bij de fles aankomen...

Waterschieten

Met een speelgoed-waterpistool zo mikken dat je met de waterstraal een pingpongballetje van een fles kan schieten, vanop een bepaalde afstand.Dit spel kan ook in estafettevorm gespeeld worden.

Papieren bootjes race

Ieder maakt eerst zijn bootje, origineel en mooi versierd. Je kan bv. ook een miniatuurvlot maken met takjes en draad. Alle bootjes worden vervolgens op een vertrekplaats in een beek of grote plas gezet. Wie geraakt het verst ? Wie komt het snelst bij de eindstreep ?

Handdoekwringen

De spelers staan op 2 m afstand van elkaar op een rij. De eerste speler dompelt een handdoek in een emmer water en gooit hem naar de volgende speler. De handdoek wordt zo van speler naar speler gegooid, tot bij de laatste, die hem uitwringt boven een fles. Dan loopt deze speler naar het begin van de rij, dompelt de handdoek in de emmer en ieder schuift een plaats op. De ploeg die eerst de fles doet overlopen, wint.

Toegankelijke variant

Auditieve beperking

Schrijf of teken de uitleg van de spelletjes op een groot blad. Toon ook de spelletjes tijdens het uitleggen voor.

Visuele beperking

Laat de kinderen terwijl ze lopen een liedje zingen en ga zelf achter de rij stoelen staan en zing ook een liedje. Zo kan het kind op het gehoor de plaats vinden waar hij heen moet. 3, Laat de loper heel luid roepen 'ik ben aan het lopen!!' 

fysieke beperking

Zorg voor een toegankelijk terrein (vb geen kiezelsteentjes of oneffen tegels). 1, als het kind in een rolstoel zit laat hem/ haar dan over de ballon rijden tot dat hij ploft.

Autisme Spectrum Stoornis (ASS)

Maak ook duidelijk dat het in dit spel niet erg is om nat te worden.

Verstandelijke beperking

Leg de spelregels en onderdelen van het spel duidelijk en visueel uit aan het kind. Tijdens het spel is het belangrijk vaak belangrijke informatie te herhalen en het kind te motiveren. Maak ook duidelijk dat het in dit spel niet erg is om nat te worden.

Organisatie
Werkgroep Inclusieve Jeugdbeweging

Leeftijd

6
tot
99 jaar

Aantal spelers

4
tot
99 spelers
Duur
120 minuten
Aantal groepen
2 groepen
Intensiteit
rustig