Een steekje los

Een steekje los

Speluitleg

Mind the Mind is een internationale groep psychologiestudenten die het taboe rond mentale stoornissen wil wegnemen. Ze maakten dit spel om te praten over verschillende stoornissen waar iedereen wel eens mee in aanraking komt. Een goede afwisseling tussen actieve spelletjes en nabesprekingen zorgt voor een namiddag vol plezier.  

Spelvoorbereiding 

Maak een groot spelbord met daarop cirkels in verschillende kleuren. Schilder even veel cirkels als jullie spelletje gaan doen. Schilder ook enkele cirkels in het wit waar de leden naartoe kunnen gooien als ze een pauze willen of een zelfgekozen spel willen spelen.  

Tijdens elk spel kruipt er iemand van de leiding in de rol van iemand met een psychische problematiek. Het is dan ook belangrijk dat de leid(st)ers die zo’n rol op zich nemen zich op voorhand even verdiepen in de rol. Wat doet, zegt en denkt ‘Tist Autist’, ‘Lief Actief’ en ‘Messi Depressie’? 

Opgelet: De rollen worden telkens heel erg uitvergroot en stereotiep weergegeven. Door dit humoristisch te maken, proberen we dit toegankelijker te maken voor de leden. Uiteindelijk wordt telkens goed gekaderd hoe je met deze leden vanuit een positieve instelling kunt omgaan. 

Rollen

Tist Autist. Je speelt een persoon met autismespectrumstoornis. Let bij het inleven in je rol op volgende dingen:  

  • Maak geen oogcontact. 

  • Neem alles letterlijk als een deelnemer iets opmerkt. 

  • Plaats je vooral niet in iemand anders. Empathisch vermogen heb je niet. 

  • Mompel en gedraag je introvert. 

  • Praat vooral tegen jezelf in plaats van tegen de groep. 

  • Maak weinig gebaren. Hou je armen gekruist. 

  • Je bent heel geïnteresseerd in één bepaald onderwerp, bijvoorbeeld: het telefoonboek, alle songs van The Beatles, de voetballers van de Engelse 3de klasse… 

  • Praat met een monotoon stemgeluid of een vreemd accent. 

Lief Actief. Je speelt een persoon met ADHD. Let bij het inleven in je rol op de volgende dingen:  

  • Je bent heel hyperactief en enthousiast. 

  • Je springt van de hak op de tak. 

  • Je bent impulsief en zegt soms dingen waar andere mensen soms beschaamd voor zijn. 

  • Je bent snel afgeleid. 

  • Je kan niet stil zitten. 

Messi Depressi. Je speelt een persoon met een depressie. Let bij het inleven in je rol op de volgende dingen: 

  • Je bent moe en futloos. 

  • Je hebt geen zin om dingen te doen. 

  • Je reageert traag, je bent stil. 

  • Als je leden vragen wat er scheelt begin je te huilen. 

Speluitleg 

Elk lid mag om de beurt met een verfspons naar het spelbord gooien. Als een cirkel geraakt is, wordt het spel gespeeld dat hierbij past. Welk spel dat is, kan de leiding zelf kiezen. De witte cirkels komen niet overeen met één van onderstaande spelen. Hier kan naar gegooid worden als kinderen een pauze willen of een zelfgekozen spel willen spelen. Als het spel gespeeld is, volgt er altijd een nabespreking. 

Spelverloop 

  • Opwarming: Ik heb nog nooit  

Zet een aantal stoelen in een cirkel, met hun zitvlak naar buiten en met één stoel minder dan het aantal deelnemers. Laat je leden op de muziek rond de stoelen lopen en er elk zo snel mogelijk één innemen als de muziek stopt. Diegene die geen stoel heeft kunnen bemachtigen, moet een kaartje voorlezen. Iedereen die wel al eens heeft meegemaakt wat er op het kaartje staat, moet zich van stoel verplaatsen. Diegene die geen stoel meer kon bemachtigen, gaat aan de kant staan. Er wordt telkens één stoel extra aan de kant geschoven. De muziek wordt opnieuw opgezet. Als de muziek stopt, moet opnieuw diegene die geen stoel vond een ‘ik heb nog nooit kaartje’ voorlezen. Zo doen we verder tot er één winnaar is. Doe nadien een korte nabespreking en vraag: ‘wat hebben jullie ervaren, als individu of als groep?’ 

  • Detective en moordenaar 

We spelen detective en moordenaar. Alle leden sluiten de ogen en doen alsof ze slapen. Een leider gaat rond en geeft tikken op de schouders. Één tik en je bent detective, twee tikken en je bent de moordenaar. Als je geen tik krijgt dan ben je een gewone burger. Daarna wordt iedereen wakker en loopt iedereen door elkaar. De moordenaar is zo glad als een aal en kan spelers vermoorden door naar hen te knipogen. Wie vermoord is, valt met een ijselijke kreet neer. De taak van de detective is de moordenaar te ontmaskeren. Het spel is gespeeld als alle spelers dood zijn of als de moordenaar gevonden wordt. Vraag na het spel wat je leden al kennen over de stoornis die de leider nadoet. Herkennen ze het en wat denken ze dat de stoornis is? 

  • Dooie vis 

Laat Lief Actief het spel uitleggen. Iedereen zit, ligt of staat recht. Je kiest best een comfortabele houding, want je mag gedurende lange tijd niet bewegen. Één persoon is de tikker. Als deze ‘dode vis’ roept, mag niemand nog bewegen. Als de tikker iemand ziet bewegen zegt hij deze persoon z'n naam en dan is deze laatste de 'tikker'. Het spel begint opnieuw als de nieuwe tikker ‘dode vis’ roept. Vraag na het spel wat de leden al kennen van ADHD.   

  • Estafette 

De groep wordt verdeeld in verschillende groepjes van vier. Je loopt een typische estafette, eventueel gecombineerd met hindernissen om het moeilijker en leuker te maken. Bespreek alweer na. Wat kennen je leden over de problematiek van de leider? Herkennen ze het en wat denken ze dat het is? 

  • Teambuilding ‘boot’ 

Er is een overstroming geweest. De hulpverleners hebben een ‘pakketje geneesmiddelen en dekens’ (een kleine doos) om naar de overkant te brengen en daar de slachtoffers van de overstromingsramp te helpen. Dat moet gebeuren met een boot, voorgesteld door stoelen. De boot is klein: er zijn veel minder stoelen dan jongeren (ongeveer de helft van het aantal jongeren plus één). De hele groep vertrekt met het pakket vanaf een punt en probeert met behulp van de stoelen aan de overkant van het speelveld te geraken. Als team samenwerken is weer erg belangrijk, want er mag niemand onderweg ‘in het water vallen’. 

Tips voor iedereen: 

Iedereen blijft in zijn rol en maakt het zo wat moeilijker. In de vorige onderdelen hebben we telkens besproken hoe je best één van de drie stoornissen aanpakt. Zeg hier duidelijk dat de kinderen hier rekening mee moeten houden. Als je merkt dat ze effectief inspelen op de problematiek en rekening houden met wat er gezegd is, kan je beginnen meewerken. Vraag tot slot nog een laatste keer wat de leden hebben opgemerkt aan de leiding met de stoornissen. Hebben tips uit vorige spelletjes gewerkt om beter met hen om te gaan? 

Conclusie 

Leden die ‘anders zijn’ is een aanpassing, hoe je het ook bekijkt. Zowel voor de persoon zelf, maar ook voor de groep. Je ziet ook dat iedereen wel eens dingen meemaakt die niet zo ver afliggen van bepaalde stoornissen.  

Speleinde 

Afsluitend teambuilding spel 

Heel de groep (in geval van 10 personen) moet zich zo opstellen dat er nog slechts vier voeten en twee handen de grond raken. In die houding moet je vijf tellen blijven staan. Andere lichaamsdelen mogen ook de grond niet raken, je mag geen voorwerpen of steunpunten (muur, boom) gebruiken, enkel jullie lichaam. 

  • 8 personen: 3 voeten 2 handen 

  • 9 personen: 4 voeten 1 hand 

  • 10 personen: 4 voeten 2 handen 

  • 11 personen: 4 voeten 3 handen of 5 voeten 1 hand 

  • 12 personen: 5 voeten 2 handen 

  • 13 personen: 5 voeten 3 handen of 6 voeten 1 hand 

  • 14 personen: 6 voeten 2 handen of enz. 

Lukt het jullie enorm snel? Probeer dan nog eens, maar met één voet of één hand minder. 

Materiaal
Spelbord met enkele cirkels in verschillende kleuren en enkele witte cirkels, Verf, Spons, Stoelen of kussens, Blinddoek, Watten/Koptelefoon, ‘Ik heb nog nooit’-vragen
Organisatie
KLJ

Leeftijd

12
tot
99 jaar

Aantal spelers

10
tot
99 spelers
Duur
120 minuten
Aantal groepen
1 groep
Intensiteit
matig